Burgerinitiatief tegen megastallen in Noord-Holland


2009-03-13

De heer Klaver heeft de vrijdag voordat het burgerinitiatief zou worden behandeld onderstaande mail richting de leden van de Provinciale Staten van Noord Holland gestuurd.
Deze mail gaat voornamelijk over ons, de 'nieuwe buren'. We wonen er op dat moment inmiddels 1,5 jaar en zijn niet de enige buren die overlast ondervinden van de werkzaamheden die reeds plaatsvinden afkomstig van voornamelijk de illegaal gebouwde overkapping, maar zo wordt het wel gebracht.
Waarom komt de reeds illegaal gebouwde overkapping t.b.v. 144 stuks rundvee niet aan de orde in onderstaande mail? Dat moge u duidelijk zijn.
Een gemiddeld melkveebedrijf in Nederland heeft 80 a 85 melkkoeien. De heer Klaver verbouwd sleufsilo's tot koeienverblijven voor maar liefst 144 koeien... en dat in 2008, illegaal.
Is dit het moderne boeren? Deze overkappingen worden iedere nacht schoongeveegd met een shovel, waarvan wij hinder ondervinden.
In het begin deed de heer Klaver dit niet, hij wilde de buren geen overlast bezorgen, maar later heeft hij het tijdstip van mestvegen steeds vervroegd in de nacht.
Is dit een goed voorbeeld voor de agrarische sector?
Onze sympathie gaat echter uit naar eerlijke boeren, zoals die ook bij ons in de straat wonen.

Onderstaande mail met veel onwaarheden willen we u niet onthouden, oordeeld u echter zelf. Op dit moment willen we eigenlijk nog niet ingaan op de geuite onwaarheden (toch een voorbeeld; bouwaanvraag voor koeienverblijf van 753 melkkoeien en 50 kalveren en niet zoals de heer Klaver in zijn mail schrijft 450 is slechts 1 van de onwaarheden... toch nog 1: hij weet dat hij illegaal bezig is, het is wel zo dat de gemeente en de milieudienst hier t.o.v. hem geen actie op durft te ondernemen. Een eerlijke boer had al lang een boete gehad, hier spelen andere belangen... Hij gaat ook voor lage bouwkosten, dit is te zien aan de illegaal gebouwde overkapping. Enzovoorts... ).

Mail van John Klaver:


Onderwerp: ons melkveebedrijf aan de Langereis in Winkel en het Burgerinitiatief "Stop veefabrieken in Noord Holland"


Geachte leden van de Provinciale Staten van Noord Holland,

Aanstaande maandag staat een voor ons belangrijk punt op de agenda. Aanleiding is het Burgerinitiatief "Stop veefabrieken in Noord Holland". Wij hebben begrepen dat sommigen ons bedrijf en ons bouwplan wensen mee te sleuren in die discussie.

Er wordt dus volop over ons gepraat, maar vreemd genoeg niet met ons. Ons is gebleken dat door Statenleden vragen zijn gesteld. Wij hadden best een toelichting willen geven. Wij hebben dat via uw medewerkers ook aangeboden. Wij echter niet opgeroepen.

Is dus ook lastig om ons te verdedigen tegen alle aantijgingen/opmerkingen. Via deze mail willen wij toch trachten u in hoofdlijnen te informeren over onze kant van de zaak; ons bedrijf en ons bouwplan.

Eerstens willen wij een en ander kwijt over onze nieuwe buren. Tijdens het commissie-overleg op 2 maart heeft mevr. Brugman ingesproken. Mevrouw Brugman en haar partner zijn vorig jaar aan de Winkelerweg komen wonen. Toen op een gegeven moment ons nieuwbouwplan ter inzage kwam bleek dat zij daar extreem tegen zijn.

Momenteel grijpen zij elke mogelijkheid aan om ons bedrijf en ons bouwplan ter discussie te stellen. Wij worden door onze nieuwe buren continue, in bijvoorbeeld de landelijke en regionale pers, in een kwaad daglicht geplaatst. De gemeente wordt zwaar bestookt en ook de politie wordt benaderd en allerlei rechterlijke procedures zijn opgestart. Wij vinden het schrijnend te moeten ervaren wat de enorm negatieve invloed kan zijn van nieuwe buren. Waarom hebben deze mensen zich niet voor hun komst bezonnen op het gaan wonen in het buitengebied. Als je in zo extreme mate gevoelig bent voor van de veehouderij en bijbehorende bedrijfsvoering, dan ga je toch niet op zo’n locatie naast een relatief groot bedrijf wonen?

Met name door de acties van de buren worden wij nu zelfs geconfronteerd met aandacht van de kant van Milieudefensie en Partij van de dieren. Ons bedrijf wordt daarom in dit burgerinitiatief weggezet als een veefabriek. Om ons tegen zo'n aantijging te weer te stellen is lastig. Vooral als de discussie zo populistisch gevoerd wordt. Met deze mail willen wij proberen u te informeren over onze kijk op onze zaak.

De buren betichten ons ervan allerlei zaken illegaal te hebben gedaan. Ook weer om ons bedrijf in een kwaad daglicht te stellen. Wat zij vergeten is dat het bestemmingsplan die zaken indirect wel toestaan.

Het is in het landelijk gebied ook de praktijk dat sleufsilo's zonder bouwvergunning worden aangelegd. Ook voersilo’s worden nooit aangevraagd. Laat staan een hek rondom een mestbassin. Wij hebben nu, op verzoek van de gemeente, een bouwaanvraag voor de sleufsilo's/voersilo's en het hekwerk ingediend. Daar zijn de buren ook al tegen in opstand gekomen. Zelfs deze normale onderdelen van een bedrijfsvoering van een melkveehouderij worden ons blijkbaar niet toegestaan.

Ons is nooit aangegeven dat wij illegaal bezig zijn. Door de radicale houding van de buren wordt alles nu flink op de spits gedreven.

Met de heer Van Eck van milieudefensie is inmiddels een afspraak gemaakt. Deze komt ons bedrijf binnenkort bezoeken. Van ons uit een poging om een eerlijke en gedegen dialoog te krijgen. Wij merken tenminste dat burgers vrijwel geen weet hebben van de manier van werken op een modern melkveebedrijf. Veel van wat ingebracht wordt zijn ons inziens verkeerde vooroordelen.

Wij worden er door de buren van beticht niet aan de geluidnormen te voldoen. Wij zijn ons ervan bewust dat ons bedrijf moet voldoen aan de geluidnormen die de gemeente ons heeft opgelegd. Uit wat wij van de gemeente vernemen voldoen wij daar ruimschoots aan. Als dat niet zo zou zijn, zijn wij uiteraard bereid om maatregelen te nemen. Zo hebben wij de aankoop van een geluidarme shovel overwogen. Dat bleek echter volgens de gemeente niet nodig te zijn.

De persoonlijke beleving van deze buren mag wellicht een andere zijn. Ons inziens hadden de buren zich dat voor hun komst naar het landelijk gebied en naast ons bedrijf behoren te beseffen. Maar van ons mag toch niet worden verwacht dat wij onder de ons toegekende normen gaan werken? Dat is toch niet redelijk?

Wij hebben overigens de gedachte om, in de singel, aan die zijde van ons bedrijf een dijklichaam, omdat die grond door een te graven sloot om het bouwblok toch beschikbaar is, aan te leggen. Wij nemen aan dat wij dan nog verder onder de geluidnormen uitkomen. De vraag is alleen nog of het landschappelijk toegestaan is.

Wij hebben sterk de indruk dat er weinig kennis is over de moderne melkveehouderij. Hoeveel burgers hebben immers weet van de ontwikkelingen in de melkveehouderij? Veel kinderen weten toch al niet meer dat de melk uit een koe komt, laat staan dat men weet hoe de bedrijfsvoering is ingericht. Vandaar ook dat er veel populistische termen worden gebruikt om ons bedrijf en ons bouwplan op een gemakkelijke wijze in een kwaad daglicht te stellen. Het stelt ons teleur dat een discussie, die ons direct kan treffen, door sommigen op dat niveau gevoerd wordt.

Wij hebben de commissie WAMEN uitgenodigd om eens een kijkje te gaan nemen op een groot melkveebedrijf met een vergelijkbare stal. Helaas hebben wij daar geen reactie op gekregen. U kunt met eigen ogen gaan zien hoe de dieren het hebben. U kunt zich er dan zelf van overtuigen dat de kwalificatie veefabriek/bioindustrie echt niet deugt.

Het klopt dat wij een grote stal willen bouwen. De nieuwe stal moet huisvesting gaan bieden voor 450 melkkoeien. Maakt dat aantal van 450 koeien het tot een fabriek? Is een kantoorgebouw voor 450 mensen ook een fabriek? Is dat aantal nou zo verschrikkelijk en onnoemelijk veel? Is toch niet vergelijkbaar met een intensief veebedrijf met tienduizenden of soms honderdduizenden dieren?

U denkt toch niet dat wij het ons kunnen veroorloven om geen zorg en aandacht te schenken aan al die 450 dieren. Wij hebben er toch baat bij dat alle koeien het goed hebben! In de intensieve veehouderij is het veel meer gemiddelde massaproductie, dat is echter in de melkveehouderij niet het geval.

De afgelopen decennia is ook in de melkveehouderij een continue schaalvergroting te zien geweest. De gemiddelde bedrijfsomvang stijgt continue. De nu gewenste stap naar 450 melkgevende koeien, in de nieuwe stal, is daarin een volgende stap.

In alle sectoren van de maatschappij vindt schaalvergroting plaats. Dat heeft toch ook ruimtelijke gevolgen? Grotere kantoorgebouwen, bredere snelwegen, industrieterreinen, grotere schoolgebouwen etc. etc.. Dat is toch geen luxe, maar ook een economische noodzaak? Dat mag toch ook doorgang vinden. Waarom zou dat in de melkveehouderij niet mogen? Teminste als de locatie het toestaat.

Natuurlijk vinden wij dat er veel aandacht moet zijn voor de landschappelijke inpassing. Wij hebben daar al tekeningen voor laten maken. Die maken onderdeel uit van de ruimtelijke onderbouwing. Omwille van de zorgvuldigheid hebben wij nu Noord Hollands landschap om hun inbreng gevraagd. Zij zijn inmiddels voor ons aan de gang. Wij zijn er ook voor om ons bedrijf zorgvuldig in te passen. De grootschalige omgeving van ons bedrijf leent zich daar goed voor.

Het viel ons kortgeleden op dat de door ons bedachte inpassing overeenkomt met de visie van mevr Reitsma, de provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit, in het stuk "De Ruimtelijke opgave voor NoordHolland". Gemaakt ter voorbereiding op de structuurvisie. Dan hebben wij het blijkbaar nog niet zo slecht gedaan? Wij zijn wel benieuwd of het Noord Hollands Landschap nog met aanvullingen/verbeteringen komt. Het stuk geeft ook aan dat ontwikkelingen zoals op ons bedrijf voor u niet verrassend kunnen zijn.

Door milieudefensie en ook de buren wordt naar voren gebracht dat het wijs zou zijn om het beleid van Groningen en Flevoland over te nemen. Van onze adviseur, die volop ervaring heeft in die provincies, hebben wij begrepen hoe dat beleid werkelijk is. Kent algemeen gezien strengere regels voor de intensieve veehouderij en dus sowieso NIET voor de melkveehouderij. Er mogen geen intensieve veebedrijven bijkomen en de kleinere bedrijven mogen niet meer uitbreiden. In het nieuwe ontwerp-POP van Groningen mogen bestaande volwaardige intensieve veebedrijven echter wel degelijk uit breiden, mits het landschappelijk verantwoord kan. U kunt dat vinden op de site van de provincie Groningen. Men heeft zich blijkbaar niet verdiept in de werkelijke regels en probeert zo gemakkelijk en weer ten koste van ons te scoren.

De provincie Groningen loopt juist voorop, vergeleken met andere provincies, in het begeleiden van de schaalvergroting van melkveehouderijen. Met daarbij zwaar de nadruk op landschappelijke inpassing. In overleg met medewerkers van uw provincie hebben wij notabene zelfs aangeraden om de aanpak van Groningen over te nemen. De grootte van het bouwblok speelt in Groningen geen enkele rol. Er telt slechts één ding en dat is de zorgvuldige ruimtelijke inpassing via maatwerk.

Ten gunste van het klimaat voor de dieren komen er geen zijmuren in de stal. De stal krijgt dus een erg open karakter. Je kijkt er als het ware dwars door heen. Dit type stal wordt wel een paraplu-stal genoemd. Dus geen stal met massaal ogende zijmuren. Die veel meer opvallen in het landschap. Omdat de dakhelling relatief laag gehouden wordt zal het zichtbare oppervlak dakvlak ook meevallen.

Welstandscommissies zien dit type, relatief minder opvallende stallen, juist graag.

Maar is het dan een fabriek omdat wij onze koeien slecht behandelen? Ons bouwplan is juist bedoeld om maximaal koecomfort te kunnen bieden aan de melkgevende koeien. Juist bij grotere koppels koeien is dat extra belangrijk. Dat de dieren zelfstandig en gezond kunnen leven.

Op dit moment is het zogenaamde vervangingspercentage op ons bedrijf 15 procent. Dat wil zeggen dat 15 procent van de veestapel jaarlijks vervangen wordt. Dat terwijl landelijk het gemiddelde op ruim 30 procent zit. Het percentage geeft al aan dat wij nu al veel zorg en aandacht schenken aan de leefomstandigheden van onze koeien. Wij willen daar met de nieuwe stal nog een schep bovenop doen en nog beter gaan presteren.

De nieuwe stal bevat tal van onderdelen die bewust ten gunste van de koeien uitpakken. Het percentage zal dan onder de 15 uitkomen. Dat wil zeggen dat de dieren ook ouder worden.

Wij hopen niet dat u denkt dat de koeien het op de ouderwetse grupstal of in een oudere ligboxenstal beter hebben dan in onze nieuwe stal. Vast staat dat de dieren in de nieuw ontworpen stal, met de focus sterk op koecomfort, veel en veel beter hebben.

Voordat het stalontwerp tot stand kwam is in tal van andere stallen, ook over de grens, de kunst afgekeken. Uiteindelijk kwam het definitieve ontwerp tot stand. De focus is bij het ontwerpen sterk op koecomfort gericht geweest. Veel in dierlijk welzijn investeren loont, omdat als de dieren het goed hebben, de melkveehouder het ook goed heeft. Lang niet iedere melkveehouder kiest daar voor, velen gaan voor lage bouwkosten, wij hebben bewust voor koecomfort gekozen. Om een aantal punten te noemen:
- Zo komt er een dichte vloer en geen roostervloer. Een koe loopt nu eenmaal prettiger/stabieler op een dichte vloer. De ouderwetse roostervloer geeft meer klauwproblemen bij de dieren.
- Natuurlijk kunnen de dieren zich vrijelijk door de stal bewegen. Vergeleken met een gangbare stal krijgen de dieren veel meer ruimte per dier.
- De bedoeling is dat de koeien in de ligboxen op schoon zand komen te liggen. Zand is verreweg het beste wat je een koe kunt bieden. Het is comfortabeler dan bijvoorbeeld een dunne rubberen matras.
- De boxen zijn ruim qua maatvoering.
- De stal zal sowieso emissiearm uitgevoerd worden. Bedoeld om de ammoniakuitstoot van de stal te verlagen. Ten opzichte van een traditionele stal ongeveer een halvering van de uitstoot per dier.
- De zijwanden van de stal worden zo hoog voor een optimale ventilatie. Koeien hebben vooral last van te veel warmte. Een frisse ventilatie moet dat voorkomen.
- Een deel van de dieren op het bedrijf krijgt weidegang. Het is een bewuste keus om niet alle dieren weidegang te geven. Het aanzicht van koeien in de wei aan de Langereis willen wij behouden.
- De dieren krijgen veel ruimte (zeer brede looppaden) tot hun beschikking. Vooral goed voor de ranglagere dieren. Die hebben dan voldoende ruimte om de dominantere dieren te ontlopen.
- Zieke dieren en dieren rondom het afkalven worden gehuisvest in ruime strohokken. Deze dieren krijgen in die periode dus nog meer ruimte en meer zorg en aandacht om hun door die kwetsbare periode te begeleiden.

De melk van onze koeien wordt verwerkt tot kaas en andere zuivelprodukten in een eigen fabriek en die verkopen wij zelf in onze winkels in Noord Holland. Wij beleven veel werkplezier aan het in beheer hebben van de gehele keten; vanaf het houden van de koeien tot aan de verkoop van het eindprodukt.

Het moet ons wel van het hart dat door de toestanden die wij nu beleven het plezier onder druk komt te staan.

Wij hopen dat wij door dit mailtje u in grote lijnen hebben kunnen informeren. Indien u meer wilt weten kunt u natuurlijk met mij contact opnemen.

Wij zijn graag bereid om u mee te nemen naar een stal zoals de onze zal worden. Opdat u zich kunt overtuigen van het feit dat onze stal beslist geen veefabriek/intensieve veehouderij/bioindustrie wordt.


Wij vertrouwen erop dat ons bouwplan niet meegesleurd wordt in de discussie naar aanleiding van het Burgerinitiatief. Die gericht is tegen de intensieve veehouderij. Wij zien ons bedrijf niet als een intensieve veehouderij. Wij willen graag verder met de ontwikkeling van ons bedrijf. Liefst niet pas nadat de discussie over de structuurvisie is afgerond.


Wij wensen u veel wijsheid in de besluitvorming.

Hoogachtend,
J. Klaver

Langereis 6
Winkel